⚖️ LegalLink Citaties

Bronvermelding voor gebruikte wetsartikelen en jurisprudentie

Gegenereerd op 16-08-2026 om 12:42

In het antwoord zijn 24 citaties gebruikt. Hieronder vindt u de volledige context van elke bron.

2
WETSARTIKEL 2: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 2. Taken en verplichtingen van de eigenaar van een drinkwaterbedrijf - Artikel: Artikel 7 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf heeft tot taak: lid 1 a.: het tot stand brengen en in stand houden van een duurzame en doelmatige openbare drinkwatervoorziening in het voor zijn bedrijf vastgestelde distributiegebied; lid 1 b.: het tot stand brengen en in stand houden van de infrastructuur die noodzakelijk is voor de productie en distributie van drinkwater in dat distributiegebied; lid 1 c.: het overeenkomstig artikel 8 leveren van drinkwater binnen het voor zijn bedrijf vastgestelde distributiegebied, en lid 1 d.: het borgen van de kwaliteit en duurzaamheid van het productie- en distributieproces en het geleverde drinkwater. lid 2: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf heeft voorts tot taak: lid 2 a.: het bijdragen aan de bescherming van de bronnen voor de drinkwatervoorziening in zijn distributiegebied tegen verontreiniging, waaronder in elk geval wordt begrepen: lid 2 1°. het verrichten van onderzoek naar de kwaliteit van deze bronnen; lid 2 2°. het beheren of medebeheren van terreinen rondom deze bronnen gericht op het voorkomen of beperken van verontreiniging van deze bronnen; lid 2 b.: het bijdragen aan het uit een oogpunt van volksgezondheid verantwoord omgaan met drinkwater door eigenaars, consumenten en andere afnemers tussen het punt van levering en het punt waar het drinkwater voor consumptie ter beschikking komt, waaronder in elk geval wordt begrepen: lid 2 1°. het geven van voorlichting aan consumenten; lid 2 2°. het opstellen van technische eisen ten aanzien van de op zijn distributienet aan te sluiten en aangesloten installaties; lid 2 3°. het overeenkomstig artikel 24 uitvoeren van controles ten aanzien van bedoelde installaties. lid 3: Indien de eigenaar van een drinkwaterbedrijf baten die zijn verkregen ter uitvoering van een taak of taken als bedoeld in het eerste of tweede lid aanwendt voor het verrichten van economische activiteiten, geschiedt de aanwending van die baten tegen condities die in het normale handelsverkeer gebruikelijk zijn voor de financiering van de desbetreffende economische activiteiten. De artikelen 25a, aanhef en onderdeel d, en 25b van de Mededingingswet zijn van overeenkomstige toepassing op de eigenaren van drinkwaterbedrijven. - Relevantie score: 0.729
4
WETSARTIKEL 4: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 4. De zeggenschap over een drinkwaterbedrijf - Artikel: Artikel 14 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf meldt de volgende rechtshandelingen, voordat deze rechtsgevolg krijgen, aan Onze Minister: lid 1 a.: het wijzigen van de statuten; lid 1 b.: het uitgeven van aandelen in het kapitaal van het drinkwaterbedrijf; lid 1 c.: het overdragen van de eigendom van een of meer watervoorzieningswerken of werken ten behoeve van de productie van drinkwater; lid 1 d.: het belasten van een of meer watervoorzieningswerken of werken ten behoeve van de productie van drinkwater met enig zakelijk of persoonlijk recht; lid 1 e.: het belasten van de winst met enig zakelijk of persoonlijk recht; lid 1 f.: het sluiten van een overeenkomst waardoor de zeggenschap over het drinkwaterbedrijf geheel of gedeeltelijk door of tezamen met derden wordt uitgeoefend, dan wel waardoor deze daartoe feitelijk in de gelegenheid worden gesteld. lid 2: Bij de melding geeft de eigenaar van het betreffende drinkwaterbedrijf aan of sprake is van een overdracht als bedoeld in artikel 5, achtste lid. - Relevantie score: 0.725
5
WETSARTIKEL 5: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 4. De zeggenschap over een drinkwaterbedrijf - Artikel: Artikel 13 - Gegevens: lid 1: In het belang van de openbare drinkwatervoorziening worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regels gesteld met betrekking tot: lid 1 a.: de kosten die ten grondslag liggen aan het tarief, bedoeld in artikel 11; lid 1 b.: de elementen en wijze van berekening van de tarieven, bedoeld in artikel 12. lid 2: Indien niet wordt voldaan aan artikel 11 of 12 of nadere regels als bedoeld in het eerste lid kan Onze Minister een aanwijzing geven aan de eigenaar van een drinkwaterbedrijf. Bij de aanwijzing wordt aangegeven op welke gronden niet wordt voldaan aan artikel 11 of 12 of de bedoelde regels en welke wijzigingen met het oog daarop in het tarief vereist zijn. Bij de aanwijzing wordt een termijn gesteld waarbinnen aan de aanwijzing voldaan moet worden. - Relevantie score: 0.721
6
WETSARTIKEL 6: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk III. De zorg voor de kwaliteit van drinkwater - Afdeling: § 1. Drinkwaterbedrijven - Artikel: Artikel 22 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf verricht overeenkomstig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels onderzoek naar de hoedanigheid van het water dat door hem gebruikt wordt voor de bereiding van drinkwater. lid 2: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden eisen gesteld met betrekking tot de hoedanigheid van het oppervlaktewater dat wordt gebruikt voor de bereiding van drinkwater. Deze eisen omvatten in elk geval eisen voor: lid 2 1°. microbiologische en chemische parameters; lid 2 2°. signaleringsparameters voor het signaleren van mogelijke verontreiniging van het oppervlaktewater. lid 3: Het is verboden drinkwater te bereiden uit oppervlaktewater, dat niet voldoet aan de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde eisen voor microbiologische of chemische parameters, bedoeld in het tweede lid, aanhef en onderdeel 1. Bij of krachtens die maatregel kan worden bepaald dat het verbod niet geldt indien het water tevoren op een daarbij vastgestelde wijze is behandeld, waarbij voor water van verschillende hoedanigheid verschillende wijzen van behandeling kunnen worden vastgesteld. lid 4: In bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het tweede lid, aan te wijzen categorieën van gevallen kan Onze Minister, indien het belang van de bescherming van de volksgezondheid zich daar niet tegen verzet, gedurende een daarbij aan te geven periode ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in dat lid, eerste volzin, dan wel van de bij of krachtens die maatregel gestelde eisen voor microbiologische of chemische parameters of van de daarbij vastgestelde wijze of wijzen van behandeling. lid 5: Onze Minister kan aan een ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden, deze wijzigen of intrekken en een ontheffing intrekken. Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het tweede lid, worden hieromtrent nadere regels gesteld. Van een besluit inzake een ontheffing wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. lid 6: Voor de toepassing van het eerste tot en met vijfde lid wordt: lid 6 a.: met een drinkwaterbedrijf gelijkgesteld een bedrijf dat water uit oppervlaktewater inneemt teneinde dit aan een drinkwaterbedrijf te leveren, en lid 6 b.: met de bereiding van drinkwater gelijkgesteld het leveren van water aan een drinkwaterbedrijf ten behoeve van de bereiding van drinkwater door dat bedrijf. lid 7: Voor de toepassing van het tweede tot en met zesde lid wordt onder oppervlaktewater niet verstaan zout en brak water alsmede water dat, alvorens voor de bereiding van drinkwater te worden gebruikt, in de bodem wordt geïnfiltreerd. lid 8: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat het verboden is drinkwater te bereiden uit water, niet zijnde oppervlaktewater, dat niet aan de bij of krachtens die maatregel gestelde eisen voldoet. Daarbij kan worden bepaald dat het verbod niet geldt indien het water tevoren op een bij of krachtens de maatregel vastgestelde wijze is behandeld, waarbij voor water van verschillende hoedanigheid verschillende wijzen van behandeling kunnen worden vastgesteld. Het vierde tot en met zesde lid, onderdeel b, zijn van overeenkomstige toepassing. - Relevantie score: 0.715
7
WETSARTIKEL 7: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 2. Taken en verplichtingen van de eigenaar van een drinkwaterbedrijf - Artikel: Artikel 8 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf is verplicht, binnen het voor zijn bedrijf vastgestelde distributiegebied, aan degene, die daarom verzoekt, een aanbod te doen om die persoon te voorzien van een aansluiting op het door hem beheerde leidingnet. lid 2: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf is voorts verplicht, binnen het voor zijn bedrijf vastgestelde distributiegebied, aan degene, die daarom verzoekt, een aanbod te doen om met gebruikmaking van het door hem beheerde leidingnet aan die persoon drinkwater te leveren. lid 3: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf hanteert voorwaarden die redelijk, transparant en niet discriminerend zijn. lid 4: In het belang van de openbare drinkwatervoorziening kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels worden gesteld met betrekking tot de toepassing van het eerste tot en met derde lid. - Relevantie score: 0.713
10
WETSARTIKEL 10: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk III. De zorg voor de kwaliteit van drinkwater - Afdeling: § 1. Drinkwaterbedrijven - Artikel: Artikel 21 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf draagt er zorg voor dat het drinkwater dat hij aan consumenten of andere afnemers ter beschikking stelt, geen organismen, parasieten of stoffen bevat, in aantallen per volume-eenheid of concentraties, die nadelige gevolgen voor de volksgezondheid kunnen hebben. lid 2: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf draagt er tevens zorg voor dat het ontwerp en de staat van de van dat drinkwaterbedrijf deel uitmakende watervoorzieningswerken, toestellen en leidingnetten geen gevaar kunnen opleveren voor verontreiniging van de daarop aangesloten collectieve watervoorzieningen, collectieve leidingnetten, woninginstallaties en andere installaties en van het aan de betreffende eigenaars of consumenten ter beschikking gestelde drinkwater. lid 3: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden, onverminderd het eerste lid, in het belang van de volksgezondheid eisen gesteld met betrekking tot: lid 3 a.: de hoedanigheid van het drinkwater na de bereiding en op het punt waar het ter beschikking komt voor gebruik, alsmede het nemen en analyseren van monsters en het verrichten van onderzoek teneinde die hoedanigheid vast te stellen. De eisen met betrekking tot de hoedanigheid van het drinkwater hebben in elk geval betrekking op: lid 3 1°. microbiologische en chemische parameters; lid 3 2°. indicatorparameters waaronder signaleringsparameters voor het signaleren van mogelijke verontreiniging van het drinkwater; lid 3 b.: het toezicht, door of vanwege de eigenaar van een drinkwaterbedrijf te houden op de toestand en de werking van het bedrijf, alsmede op de hoedanigheid van het in dat bedrijf bereide drinkwater; lid 3 c.: de door de eigenaar van een drinkwaterbedrijf bij de winning, de bereiding, de opslag en de distributie van drinkwater te gebruiken materialen en chemicaliën en de wijze waarop deze daarbij worden toegepast, met dien verstande dat de eisen met betrekking tot bij de distributie te gebruiken materialen slechts betrekking hebben op materialen die geen deel uitmaken van een gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet; lid 3 d.: het onderzoek dat de eigenaar van een drinkwaterbedrijf verricht naar oorzaak en mogelijke nadelige gevolgen voor de volksgezondheid en de door hem te nemen herstelmaatregelen in geval niet wordt voldaan aan de eisen met betrekking tot de hoedanigheid van het drinkwater, bedoeld in onderdeel a, waarbij: lid 3 1°. in geval van het niet voldoen aan een microbiologische of chemische parameter steeds herstelmaatregelen zijn vereist, gericht op het voldoen aan de eisen; lid 3 2°. in geval van het niet voldoen aan een indicatorparameter, herstelmaatregelen zijn vereist, gericht op het voldoen aan de eisen, tenzij er naar het oordeel van de toezichthouder geen gevaar is voor de volksgezondheid; lid 3 e.: de informatie die de eigenaar van een drinkwaterbedrijf verstrekt: lid 3 1°. aan consumenten en andere afnemers: over de kwaliteit van het geleverde drinkwater; lid 3 2°. aan consumenten en andere afnemers: indien de levering van drinkwater gevaar kan opleveren voor de volksgezondheid; lid 3 3°. aan de eigenaars van percelen waaraan de eigenaar drinkwater levert, en aan de betreffende consumenten en andere afnemers: over door hen te nemen voorzorgs- of herstelmaatregelen, indien door een omstandigheid, te wijten aan een collectief leidingnet of een woninginstallatie, het drinkwater niet voldoet aan de eisen, bedoeld in de aanhef en onder a, of indien de deugdelijkheid van het drinkwater anderszins wordt aangetast; lid 3 4°. aan de toezichthouder: over de kwaliteit van het geleverde drinkwater en de maatregelen die zijn of worden genomen om deze kwaliteit te waarborgen; lid 3 f.: de kwaliteit van het water waaruit warm tapwater wordt bereid. lid 4: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voorts in het belang van de volksgezondheid eisen worden gesteld met betrekking tot: lid 4 a.: de inrichting van de bedrijfsonderdelen van drinkwaterbedrijven; lid 4 b.: het verrichten van werkzaamheden in drinkwaterbedrijven; lid 4 c.: de vakbekwaamheid van het personeel van drinkwaterbedrijven; lid 4 d.: de voorlichting in hygiënisch opzicht van het personeel van drinkwaterbedrijven. lid 5: Onze Minister of, in geval van kortdurende overschrijdingen zonder nadelige gevolgen, de toezichthouder, kan, indien het belang van de volksgezondheid zich daar niet tegen verzet, gedurende een daarbij vast te stellen periode ontheffing verlenen van eisen voor chemische parameters als bedoeld in het derde lid, aanhef en onderdeel a, onderdeel 1°. Hij kan aan een ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden, deze wijzigen of intrekken en een ontheffing intrekken. Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het derde lid, worden hieromtrent nadere regels gesteld. Van een besluit inzake een ontheffing doet Onze Minister mededeling in de Staatscourant. - Relevantie score: 0.705
12
WETSARTIKEL 12: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 1. De zorg voor en uitvoering van de openbare drinkwatervoorziening - Artikel: Artikel 5 - Gegevens: lid 1: Onze Minister stelt voor elk drinkwaterbedrijf een distributiegebied vast, waarbinnen de eigenaar van het betreffende drinkwaterbedrijf de exclusieve bevoegdheid en plicht, overeenkomstig artikel 8, tot het leveren van drinkwater heeft. lid 2: Het is de eigenaar van een drinkwaterbedrijf verboden om door middel van een watervoorzieningswerk water, niet zijnde drinkwater, te leveren buiten het voor dat drinkwaterbedrijf vastgestelde distributiegebied. lid 3: Het verbod, bedoeld in het tweede lid, geldt niet voor de levering van water aan een ander drinkwaterbedrijf en voor de levering van nooddrinkwater aan consumenten of andere afnemers. lid 4: Bij het besluit, bedoeld in het eerste lid, kan Onze Minister distributiegebieden wijzigen ter vergroting van de doelmatigheid van de openbare drinkwatervoorziening. lid 5: Alvorens tot een wijziging als bedoeld in het vierde lid over te gaan, legt Onze Minister zijn voornemen aan de betrokken eigenaars voor, onder opgave van redenen. Binnen zes weken kunnen belanghebbenden hun zienswijze schriftelijk of mondeling bij Onze Minister kenbaar maken. lid 6: De eigenaren van drinkwaterbedrijven die het aangaat kunnen gezamenlijk, onverminderd de artikelen 14 tot en met 16, Onze Minister verzoeken om wijziging van het voor hun bedrijf vastgestelde distributiegebied. lid 7: Onze Minister kan besluiten geen gevolg te geven aan een verzoek als bedoeld in het zesde lid, indien de gevraagde wijziging naar zijn oordeel in strijd is met het belang van de openbare drinkwatervoorziening. Binnen zes weken kunnen belanghebbenden hun zienswijze schriftelijk of mondeling bij Onze Minister kenbaar maken. lid 8: In geval van een wijziging van het voor hun drinkwaterbedrijf vastgestelde distributiegebied als bedoeld in het vierde lid, is de eigenaar van het betrokken drinkwaterbedrijf gehouden binnen een bij die wijziging aangegeven periode medewerking te geven aan de uitvoering van die wijziging, met inbegrip van een eventuele overdracht van de eigendom of het beheer van de betreffende watervoorzieningswerken, voor zover deze ten gevolge van de wijziging komen te liggen in een voor een ander drinkwaterbedrijf vastgesteld distributiegebied. - Relevantie score: 0.704
13
WETSARTIKEL 13: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 5. De rechtsvorm van een drinkwaterbedrijf en de bevoegdheid tot goedkeuring van de tarieven en voorwaarden - Artikel: Artikel 20 - Gegevens: De bevoegdheid tot goedkeuring van de tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8 en 11, berust uitsluitend bij de algemene vergadering van een drinkwaterbedrijf. - Relevantie score: 0.691
14
WETSARTIKEL 14: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 5. De rechtsvorm van een drinkwaterbedrijf en de bevoegdheid tot goedkeuring van de tarieven en voorwaarden - Artikel: Artikel 18 - Gegevens: lid 1: Een drinkwaterbedrijf fuseert niet met een ander drinkwaterbedrijf zonder voorafgaande toestemming van Onze Minister. lid 2: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden criteria vastgelegd waaraan door Onze Minister een verzoek tot fusie wordt getoetst. - Relevantie score: 0.686
16
WETSARTIKEL 16: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk V. De doelmatigheid van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 2. Verslag van de prestatievergelijking en voornemens ter verbetering - Artikel: Artikel 42 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf verstrekt de in artikel 40, eerste lid, onderdeel d, bedoelde gegevens binnen de daarvoor gestelde termijn aan de met de uitvoering van de prestatievergelijking belaste instantie. lid 2: Indien niet of niet tijdig aan de in het eerste lid bedoelde verplichting wordt voldaan, of indien onvoldoende, onjuiste of onvolledige gegevens worden aangeleverd, meldt die instantie dat onverwijld aan Onze Minister. - Relevantie score: 0.677
19
WETSARTIKEL 19: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk VII. Handhaving - Afdeling: nan - Artikel: Artikel 49 - Gegevens: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf, respectievelijk collectieve watervoorziening of collectief leidingnet, geeft onmiddellijk kennis aan de inspecteur, respectievelijk de voor die watervoorziening of dat leidingnet krachtens artikel 48 aangewezen andere toezichthouder, van omstandigheden in verband met zijn drinkwaterbedrijf, respectievelijk collectieve watervoorziening of collectief leidingnet die, naar hij redelijkerwijze kan weten of vermoeden, gevaar of beletsel voor de naleving van artikel 21, 22 of 23, respectievelijk 25 of 26 dan wel 27, 28, 29 of 30 of van de daarop berustende bepalingen kunnen vormen. - Relevantie score: 0.672
20
WETSARTIKEL 20: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 1. De zorg voor en uitvoering van de openbare drinkwatervoorziening - Artikel: Artikel 3 - Gegevens: De zorg, overeenkomstig deze wet en de daarop berustende bepalingen, voor een voldoende en duurzame uitvoering van de openbare drinkwatervoorziening binnen een distributiegebied berust bij de eigenaar van het drinkwaterbedrijf die bevoegd en, overeenkomstig artikel 8, verplicht is tot levering van drinkwater in dat gebied. - Relevantie score: 0.670
21
WETSARTIKEL 21: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk I. Algemeen - Afdeling: nan - Artikel: Artikel 1 - Gegevens: lid 1: In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: bereiding: iedere behandeling van grondwater, oppervlaktewater, zeewater of een andere grondstof met het oog op de productie van drinkwater, tot aan het punt waar het drinkwater voor consumptie beschikbaar komt; collectief leidingnet: samenstel van leidingen, fittingen en toestellen dat tijdelijk, doch niet ten behoeve van bevoorrading, dan wel permanent, is aangesloten op het distributienet van een drinkwaterbedrijf of collectieve watervoorziening, en door middel waarvan drinkwater of warm tapwater ter beschikking wordt gesteld aan consumenten of andere afnemers; collectieve watervoorziening: lid 1 a.: landgebonden voorziening, niet zijnde een drinkwaterbedrijf, voor de productie of distributie van water dat met behulp van een leiding of distributienet aan consumenten of andere afnemers als drinkwater of warm tapwater ter beschikking wordt gesteld; lid 1 b.: voorziening voor de productie of distributie van water op een binnen het Nederlandse territoir gelegen mijnbouwinstallatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel o, van de Mijnbouwwet, welk water als drinkwater of warm tapwater aan consumenten binnen die mijnbouwinstallatie ter beschikking wordt gesteld; distributie: transport en levering; distributiegebied: gebied waarbinnen de eigenaar van een drinkwaterbedrijf bevoegd en verplicht is tot levering van drinkwater aan consumenten of andere afnemers; distributienet: samenstel van leidingen en daarmee verbonden koppelingen, kleppen en andere technische voorzieningen voor het transport en de levering van drinkwater, niet zijnde een collectief leidingnet; drinkwater: water bestemd of mede bestemd om te drinken, te koken of voedsel te bereiden dan wel voor andere huishoudelijke doeleinden, met uitzondering van warm tapwater, dat door middel van leidingen ter beschikking wordt gesteld aan consumenten of andere afnemers; drinkwaterbedrijf: lid 1 a.: bedrijf uitsluitend of mede bestemd tot openbare drinkwatervoorziening door levering van drinkwater aan consumenten of andere afnemers, of lid 1 b.: bedrijf uitsluitend of mede bestemd tot levering van drinkwater aan een bedrijf of bedrijven als bedoeld onder a; Drinkwaterrichtlijn: Externe link: Richtlijn (EU) 2020/2184 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020, betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water (herschikking); eigenaar: juridische eigenaar; gewogen gemiddelde vermogenskostenvoet: gewogen gemiddelde van de kostenvoet van vreemd vermogen en eigen vermogen, waarbij het aandeel van deze vermogenstypen in het totale vermogen als wegingsfactor wordt gehanteerd; gekwalificeerde rechtspersoon: lid 1 a.: publiekrechtelijke rechtspersoon, zijnde de Staat, een provincie, gemeente, waterschap of gemeenschappelijke regeling in de zin van de Wet gemeenschappelijke regelingen; lid 1 b.: naamloze of besloten vennootschap die voldoet aan de volgende voorwaarden: lid 1 1°. in de statuten is bepaald dat de aandelen in zijn kapitaal uitsluitend middellijk of onmiddellijk worden gehouden door publiekrechtelijke rechtspersonen, en lid 1 2°. de vennootschap heeft zich niet verbonden de zeggenschap over het drinkwaterbedrijf dat haar toebehoort of zal toebehoren, geheel of gedeeltelijk uit te oefenen of te doen uitoefenen tezamen met anderen dan een publiekrechtelijke rechtspersoon of een vennootschap als bedoeld in dit onderdeel; lid 1 c.: coöperatie waarvan de leden voldoen aan de voorwaarden, bedoeld in onderdeel b; lid 1 d.: stichting ten aanzien waarvan bij besluit van Onze Minister is vastgesteld dat in haar statuten en in de tussen de stichting en de publiekrechtelijke rechtspersoon of rechtspersonen, die haar hebben opgericht, van kracht zijnde overeenkomsten zodanige bepalingen zijn opgenomen dat gewaarborgd wordt dat de volledige zeggenschap over het betreffende drinkwaterbedrijf wordt uitgeoefend door een of meer publiekrechtelijke rechtspersonen; indicatorparameters: indicatorparameters als bedoeld in artikel 5, eerste lid, juncto tweede lid, tweede volzin, en bijlage I, deel C, van de Drinkwaterrichtlijn; inspecteur: inspecteur als bedoeld in artikel 48, eerste lid; installatie: samenstel van leidingen, fittingen en toestellen dat middellijk of onmiddellijk is aangesloten op het distributienet van een drinkwaterbedrijf; kleine collectieve watervoorziening: collectieve watervoorziening die per dag gemiddeld tussen 10 kubieke meter en 100 kubieke meter drinkwater levert of die tussen 50 en 500 personen per dag bedient; kleinverbruiker: consument of andere afnemer met een aansluiting waarbij de volumestroom van de levering van water niet meer bedraagt dan vijf kubieke meter per uur; microbiologische of chemische parameters: microbiologische of chemische parameters als bedoeld in artikel 5, eerste lid juncto tweede lid, eerste volzin, en bijlage I, deel A, B en D, van de Drinkwaterrichtlijn; nooddrinkwater: water bestemd of mede bestemd om te drinken, te koken of voedsel te bereiden, dan wel voor andere huishoudelijke doeleinden, dat bij een verstoring anders dan door middel van een distributienet wordt geleverd aan consumenten of andere afnemers; noodwater: water, uitsluitend bestemd voor sanitaire doeleinden, dat bij een verstoring door middel van een distributienet wordt geleverd aan consumenten of andere afnemers; Onze Minister: Onze Minister van Infrastructuur en Milieu; openbare drinkwatervoorziening: productie en distributie van drinkwater door drinkwaterbedrijven; opslag: opslag van water in reservoirs of bekkens in verband met de productie of distributie van drinkwater; prestatievergelijking: periodieke, systematische vergelijking van de prestaties van drinkwaterbedrijven; productie: winning, bereiding en daarmee verband houdende opslag van drinkwater; toezichthouder: inspecteur of andere krachtens artikel 48 aangewezen toezichthouder; verstoring: uitval of aantasting van watervoorzieningswerken, waardoor de continuïteit van de levering van deugdelijk drinkwater wordt verbroken of in gevaar komt; warm tapwater: water bestemd of mede bestemd om te drinken, te koken of voedsel te bereiden dan wel voor andere huishoudelijke doeleinden, dat wordt verwarmd voordat het voor die toepassingen ter beschikking wordt gesteld; watervoorzieningswerken: werken ten behoeve van de productie en distributie van drinkwater en daarmee rechtstreeks verband houdende werken en beschermingsvoorzieningen ten dienste van drinkwaterbedrijven; winning: onttrekking van grondwater, oppervlaktewater of zeewater ten behoeve van de bereiding van drinkwater; woninginstallatie: van een woning deel uitmakend samenstel van leidingen, fittingen en toestellen, aangesloten op het leidingnet van een drinkwaterbedrijf of een collectieve watervoorziening dan wel op een collectief leidingnet; zeer kleine collectieve watervoorziening: collectieve watervoorziening die gemiddeld minder dan 10 kubieke meter per dag drinkwater levert of minder dan 50 personen per dag bedient. lid 2: Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat een of meer daarbij aan te geven artikelen van deze wet niet van toepassing zijn op water dat uitsluitend bestemd is voor bij die maatregel aangegeven doeleinden, waarbij de kwaliteit van het water niet van invloed is op de gezondheid van de betrokken consumenten. Bij of krachtens die maatregel kunnen nadere eisen worden gesteld aan de productie, distributie en het gebruik van dit water. lid 3: Voor de uitvoering en naleving van deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt met de eigenaar van een drinkwaterbedrijf, collectieve watervoorziening of collectief leidingnet, indien deze niet zelf dat bedrijf, die voorziening of dat leidingnet exploiteert, gelijkgesteld de exploitant daarvan, voor zover het betreft de uitvoering van maatregelen of de naleving van verplichtingen die, naar gebruikelijk is, behoren tot de bevoegdheid van een exploitant. lid 4: Onze Minister kan een of meer bedrijven aanwijzen die voor de toepassing van hoofdstuk II, met uitzondering van de artikelen 5, tweede lid, en 8, met een drinkwaterbedrijf worden gelijkgesteld. lid 5: De artikelen van deze wet en de daarop berustende bepalingen, voor zover betrekking hebbend op collectieve watervoorzieningen, zijn mede van toepassing op voorzieningen voor de winning, behandeling of distributie van water op een binnen het Nederlandse deel van het continentale plat gelegen mijnbouwinstallatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel o, van de Mijnbouwwet, welk water als drinkwater aan consumenten binnen die mijnbouwinstallatie ter beschikking wordt gesteld. lid 6: In geval van levering van warm tapwater aan consumenten of andere afnemers zijn de artikelen van de hoofdstukken III, VI, VII en VIII en de daarop berustende bepalingen van overeenkomstige toepassing. lid 7: De voordracht voor een krachtens deze wet vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd. - Relevantie score: 0.667
24
WETSARTIKEL 24: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 3. bepalingen met betrekking tot kostendekkende tarieven - Artikel: Artikel 12 - Gegevens: lid 1: Uit de begroting van het drinkwaterbedrijf blijkt op welke wijze de kosten, waaronder de vermogenskosten die ten hoogste mogen worden gehanteerd, in het tarief zijn verwerkt. lid 2: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf brengt jaarlijks voor 1 oktober aan Onze Minister een verslag uit dat inzicht verschaft in de kosten, waaronder de vermogenskosten, die in het voorafgaande kalenderjaar zijn gehanteerd bij het vaststellen van de tarieven voor de levering van drinkwater en het gerealiseerde bedrijfsresultaat over dat jaar. Het verslag dient voorzien te zijn van een goedkeurende verklaring van een registeraccountant. Onze Minister zendt dit verslag voor het einde van het kalenderjaar aan de beide Kamers der Staten-Generaal. lid 3: Indien uit het verslag, bedoeld in het tweede lid, blijkt dat het gerealiseerde bedrijfsresultaat de voor dat jaar op basis van artikel 11, tweede lid, bepaalde vermogenskosten overschrijdt, draagt de eigenaar van een drinkwaterbedrijf er zorg voor dat die overschrijding wordt gecompenseerd uiterlijk in de tariefstelling voor het daaropvolgende kalenderjaar. - Relevantie score: 0.659
26
WETSARTIKEL 26: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk VII. Handhaving - Afdeling: nan - Artikel: Artikel 48 - Gegevens: lid 1: Met het toezicht op de naleving van deze wet en de daarop berustende bepalingen zijn belast de door Onze Minister als zodanig aangewezen inspecteur en de overige daartoe aangewezen ambtenaren. lid 2: In afwijking van het eerste lid zijn met het toezicht op de naleving van deze wet en de daarop berustende bepalingen belast de door Onze Minister van Economische Zaken daartoe aangewezen ambtenaren, voor zover het betreft voorzieningen voor de winning, behandeling of distributie van water op een binnen het Nederlandse territoir of het Nederlandse deel van het continentale plat gelegen mijnbouwinstallatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel o, van de Mijnbouwwet, welk water als drinkwater aan consumenten binnen die mijnbouwinstallatie ter beschikking wordt gesteld. lid 3: Van een besluit als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. lid 4: In afwijking van het eerste en tweede lid is de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, belast met het toezicht op de naleving van artikel 7, derde lid. - Relevantie score: 0.657
28
WETSARTIKEL 28: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 3. bepalingen met betrekking tot kostendekkende tarieven - Artikel: Artikel 10 - Gegevens: lid 1: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt een algemeen aanvaarde bedrijfseconomische methode vastgesteld volgens welke de gewogen gemiddelde vermogenskostenvoet en het aandeel eigen vermogen in het totale vermogen worden bepaald. lid 2: Onze Minister stelt driejaarlijks voor 1 november, ten behoeve van de bepaling van de tarieven voor de daarop volgende drie kalenderjaren, het maximaal toegestane aandeel vast van het eigen vermogen in het totale vermogen. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt vastgesteld volgens welke criteria en tot welk niveau Onze Minister op een daartoe strekkend verzoek van de eigenaar van een drinkwaterbedrijf van dit in de vorige volzin bedoelde maximale aandeel kan afwijken. lid 3: Onze Minister stelt driejaarlijks voor 1 november, ten behoeve van de bepaling van de tarieven voor de daarop volgende drie kalenderjaren, de gewogen gemiddelde vermogenskostenvoet vast volgens de methode, bedoeld in het eerste lid. Onze Minister kan een besluit houdende vaststelling van de gewogen gemiddelde vermogenskostenvoet een maal verlengen met ten hoogste drie kalenderjaren, indien noodzakelijk met het oog op de continuïteit of veiligheid van de openbare drinkwatervoorziening en onder met het oog daarop te stellen voorwaarden. Tegen de vaststelling is geen bezwaar of beroep mogelijk. - Relevantie score: 0.656
31
WETSARTIKEL 31: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk IV. Leveringszekerheid en continuïteit - Afdeling: § 2. Voorbereiding op een verstoring - Artikel: Artikel 32 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf draagt er zorg voor dat de levering van deugdelijk drinkwater aan consumenten en andere afnemers in het voor zijn drinkwaterbedrijf vastgestelde distributiegebied gewaarborgd is in een zodanige hoeveelheid en onder een zodanige druk als in het belang van de volksgezondheid vereist is. lid 2: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf neemt alle passende maatregelen om te kunnen voorzien in de toekomstige behoefte aan drinkwater in het voor zijn drinkwaterbedrijf vastgestelde distributiegebied. - Relevantie score: 0.648
32
WETSARTIKEL 32: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk V. De doelmatigheid van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 1. Voorbereiding en uitvoering van de prestatievergelijking - Artikel: Artikel 40 - Gegevens: lid 1: De in artikel 39, eerste lid, bedoelde instantie stelt ten behoeve van de uitvoering van een prestatievergelijking uiterlijk op 1 maart van het jaar, waarin die prestatievergelijking wordt uitgevoerd, een protocol vast, inhoudend: lid 1 a.: een uitwerking van de in dat lid genoemde categorieën van prestaties waarop de vergelijking betrekking heeft; lid 1 b.: de wijze waarop de prestatievergelijking wordt uitgevoerd; lid 1 c.: de aanwijzing van de drinkwaterbedrijven waarmee de prestatievergelijking wordt uitgevoerd, daaronder begrepen zo mogelijk een substantieel aantal buitenlandse drinkwaterbedrijven; lid 1 d.: een aanduiding van de door de eigenaren van de drinkwaterbedrijven te verstrekken gegevens die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de prestatievergelijking, de wijze waarop en de termijn waarbinnen deze gegevens worden verstrekt en de wijze waarop deze worden verwerkt door de eerdergenoemde instantie. lid 2: Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de opzet en inhoud van een protocol als bedoeld in het eerste lid. lid 3: Het protocol behoeft de goedkeuring van Onze Minister. lid 4: De goedkeuring, bedoeld in het derde lid, kan geheel of gedeeltelijk worden onthouden voor zover een protocol: lid 4 a.: niet voldoet aan de daaraan op grond van deze wet gestelde eisen; lid 4 b.: een of meer voor een goede uitvoering van de prestatievergelijking noodzakelijke elementen mist, of lid 4 c.: anderszins in strijd is met het belang van de volksgezondheid of het belang van de doelmatigheid van de openbare drinkwatervoorziening. lid 5: Van een goedgekeurd protocol doet Onze Minister mededeling in de Staatscourant. - Relevantie score: 0.647
33
WETSARTIKEL 33: - Wet: Drinkwaterwet - Titel: Hoofdstuk II. De organisatie van de openbare drinkwatervoorziening - Afdeling: § 3. bepalingen met betrekking tot kostendekkende tarieven - Artikel: Artikel 11 - Gegevens: lid 1: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf hanteert tarieven die kostendekkend, transparant en niet discriminerend zijn. lid 2: De eigenaar van een drinkwaterbedrijf hanteert bij de bepaling van de vermogenskosten die in het tarief mogen worden doorberekend ten hoogste de geldende gewogen gemiddelde vermogenskostenvoet, vastgesteld krachtens artikel 10, derde lid. lid 3: De toerekening van de kosten van materiële vaste activa vindt plaats op basis van afschrijvingsmethoden en afschrijvingstermijnen die volgens algemeen aanvaarde bedrijfseconomische principes zijn bepaald. lid 4: Als grondslag voor het bepalen van de vermogenskosten, die in het tarief mogen worden doorberekend, geldt de activawaarde, waarbij de materiële vaste activa gewaardeerd worden tegen historische kostprijs. - Relevantie score: 0.646
41
Kamerstuk: 30895
Drinkwaterwet
Inwerkingtreding: 14/06/2011
44
=== RECHTSZAAK: ECLI:NL:HR:2021:1951 === INFORMATIE IN DE UITSPRAAK: - ECLI_number: ECLI:NL:HR:2021:1951 - Instantie: Hoge Raad - Datum uitspraak: 2021-12-24 - Datum publicatie: 2021-12-22 - Datum aangepast: 2025-03-22 - Zaaknummer: 20/01766 - Rechtsgebieden: Civiel recht - Bijzondere kenmerken: Artikel 81 RO-zaken - URL: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:HR:2021:1951 FORMELE RELATIES: Conclusie: ECLI:NL:PHR:2021:589, Gevolgd; In cassatie op : ECLI:NL:GHDHA:2020:366, Bekrachtiging/bevestiging INHOUDSINDICATIE: Art. 81 lid 1 RO. Drinkwaterwet. Geoorloofde wijziging systematiek van heffing vastrecht voor levering van drinkwater door monopolist die vastrecht bij recreatieparken niet langer heft per centrale aansluiting, maar per verbruiksadres? Eis dat voorwaarden en tarieven 'niet discriminerend' zijn. VINDPLAATSEN: Rechtspraak.nl; RvdW 2022/79 SAMENVATTING VAN DE UITSPRAAK: ZAAKIDENTIFICATIE: ECLI-nummer ECLI:NL:HR:2021:1951 Rechterlijke instantie (Rb / Hof / HR) HR (Hoge Raad der Nederlanden), Civiele Kamer Datum uitspraak 24 december 2021 FORMELE RELATIES LEGALLINK: Conclusie parket ECLI:NL:PHR:2021:589, Conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders (strekt tot verwerping) [procesverloop] Vorig hoger beroep/beslissing ECLI:NL:GHDHA:2020:366, Gerechtshof Den Haag, 10 maart 2020 (arrest) [procesverloop] Vonnis rechtbank ECLI not known: vonnis rechtbank Rotterdam C/10/511047 / HA ZA 16-963 van 24 januari 2018 [procesverloop] PARTIJEN: Naam of typering eiser (bv. consument, verhuurder, aannemer) Eiseres tot cassatie: EVIDES N.V. (drinkwaterbedrijf / monopolist) [titel] Naam of typering gedaagde Verweerders in cassatie: RECRON c.s. (o.a. recreatieparken en branchevereniging) — Camping Julianahoeve Renesse B.V.; Molecaten Park Kruininger Gors B.V.; Stichting Recreatiepark 'Port Greve'; Hof Domburg B.V.; Center Parcs Netherlands N.V.; Stichting Rekreatiecentrum Aqua Delta; De Vereniging HISWA RECRON (rechtsopvolgster) [titel] CASUS: Kortheidshalve: geschil over wijziging van door Evides gehanteerde systematiek van heffing van vastrecht voor levering van drinkwater: overstap van heffing per centrale aansluiting naar heffing per verbruiksadres voor recreatieparken; verweer door Recron c.s. dat voorwaarden en tarieven discriminatoir/onrechtmatig zijn. Betrekking op uitleg en toetsing van de Drinkwaterwet en discriminatieverbod bij tariefstelling door monopolist. [inhoudsindicatie; procesverloop] VORDERING (EISER): Beoogd rechtsgevolg Cassatieberoep ter vernietiging van het arrest van het hof en dus toewijzing van in eerdere instanties gewraakte beslissingen ten gunste van Evides (succinct: vernietiging en verwijzing of anderszins) [procesverloop] Juridische grondslag (relevante wetsartikelen) Hoofdvraag betroffen onder meer rechtmatigheid van tariffen/voorwaarden op grond van Drinkwaterwet en algemene onrechtmatigheidsnormen; in cassatie ook procedurele regeling artikel 81 RO toegepast (artikel 81 lid 1 RO) [inhoudsindicatie; procesverloop] Feitelijke stellingen ter onderbouwing - Evides heeft haar heffingssystematiek gewijzigd door vastrecht per verbruiksadres in plaats van per centrale aansluiting te heffen voor recreatieparken. [vonnis rechtbank / hof; inhoudsindicatie] - Deze wijziging is door Evides gerechtvaardigd als afdwingbare tariefstructuur in haar functie als drinkwaterleverancier. [standpunt Evides; procesverloop] Vaststellingen: markeer erkende / bewezen / onweersproken stellingen met “erkend door beide partijen” - Procesverloop en feiten omtrent wijziging heffing zijn (voor zover vermeld in de samenvatting) niet expliciet als “erkend door beide partijen” gemarkeerd in de beslissing; geen specifieke feitelijke stellingen in arrest als zodanig aangeduid. [procesverloop] VERWEER (GEDAAGDE): Juridische verweren - Discriminatieverweer: voorwaarden en tarieven van Evides zijn naar oordeel van Recron c.s. discriminerend voor recreatieparken; onrechtmatige uitoefening van monopoliepositie. [inhoudsindicatie] - Bestreden wijziging van tariefsystematiek is niet toelaatbaar jegens afnemers met centrale aansluitingen. [standpunt Recron c.s.; procesverloop] Aangehaalde wetsartikelen of algemene voorwaarden - Drinkwaterwet (tenzij specifieke artt. niet vermeld in de samenvatting) en algemene civielrechtelijke normen; bezwaar op grond van discriminatiebeginsel. [inhoudsindicatie] Feitelijke betwistingen vanuit perspektief gedaagde - Gedaagden betwisten dat de nieuwe heffingssystematiek rechtmatig en niet-discriminerend is; stellen nadelige gevolgen voor recreatieparken. [procesverloop] Eventueel gedaan aanbod tot herstel of vergoeding - Geen aanbod tot herstel of vergoeding genoemd in de samenvatting van het arrest. OORDEEL RECHTER: Beoordeling rechtsvraag - Hoge Raad beoordeelt de cassatieklachten tegen het arrest van het hof en oordeelt dat geen van die klachten tot vernietiging van het arrest kunnen leiden. De beoordeling van die klachten behoeft geen motivering omdat het beantwoorden van de aangevoerde vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht; toepassing van artikel 81 lid 1 RO. [overwegingen; procesverloop; verwijzing naar 81 lid 1 RO] Dragende motieven van het oordeel - De Hoge Raad volgt de conclusie van de Advocaat-Generaal en overweegt dat de aangevoerde klachten onvoldoende zijn om het hofarrest te vernietigen. Redenen waarom hoeven niet te worden gemotiveerd wegens toepassing artikel 81 lid 1 RO (beperkte motiveringsplicht). [procesverloop; conclusie] UITSPRAAK SAMENVATTING: Wat beslist de rechter uiteindelijk? - Het beroep in cassatie van Evides wordt verworpen; het arrest van het hof blijft bekrachtigd. [slotopmerking; dispositief] Toe- of afwijzing vorderingen (exact formuleren) - Het beroep wordt verworpen. (De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Evides.) [dispositief] Proces-, buitengerechtelijke en nakosten. Wie betaalt welke kosten inclusief bedrag? - Evides wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie: aan de zijde van Recron c.s. tot op deze uitspraak begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. [slotopmerking; dispositief] Uitvoerbaar-bij-voorraad? - Niet genoemd in de samenvatting; geen uitvoerbaar bij voorraad vermeld. RECHTER:
du Perron, C.E.: voorzitter
Sieburgh, C.H.: raadsheer
Lock, F.J.P.: raadsheer
ter Heide, A.E.B.: raadsheer
Makkink, G.C.: raadsheer
Wattendorff, H.M.: in het openbaar uitgesproken
GENOEMDE WETSARTIKELEN:
81 RO: ['81 lid 1 RO', 'beperkte motiveringsplicht; toepassing bij niet-ontwikkelings- of eenheidsvragen']
Drinkwaterwet: ['Drinkwaterwet', 'regulering heffing/tarieven drinkwater; non-discriminatie-vereiste']
GENOEMDE RECHTZAKEN:
ECLI:NL:GHDHA:2020:366: Gerechtshof Den Haag 10 maart 2020
ECLI not known: Rechtbank Rotterdam C/10/511047 / HA ZA 16-963 24 januari 2018
ECLI:NL:PHR:2021:589: Conclusie PHR 2021 (AG Snijders)
METADATA: - Created at: None - Last modified: 2026-01-24 09:56:50.920000 ============================================================
46
=== RECHTSZAAK: ECLI:NL:PHR:2021:732 === INFORMATIE IN DE UITSPRAAK: - ECLI_number: ECLI:NL:PHR:2021:732 - Instantie: Parket bij de Hoge Raad - Datum uitspraak: 2021-08-06 - Datum publicatie: 2021-08-02 - Datum aangepast: 2021-12-17 - Zaaknummer: 18/02999 - Rechtsgebieden: Civiel recht - Bijzondere kenmerken: None - URL: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:PHR:2021:732 FORMELE RELATIES: Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2021:1889, Gevolgd INHOUDSINDICATIE: Verbintenissenrecht. Europees consumentenrecht. Distributie drinkwater; totstandkoming overeenkomst; ongevraagde levering. Vervolg van HR 13 december 2019 (ECLI:NL:HR:2019:1972) en van HvJEU 3 februari 2021 (ECLI:EU:C:2021:91). VINDPLAATSEN: Rechtspraak.nl SAMENVATTING VAN DE UITSPRAAK: ZAAKIDENTIFICATIE: ECLI-nummer ECLI:NL:PHR:2021:732 Rechterlijke instantie (Rb / Hof / HR) Parket bij de Hoge Raad (conclusie A-G) Datum uitspraak 6 augustus 2021 FORMELE RELATIES LEGALLINK: Arrest Hoge Raad (verwijzingsarrest): ECLI:NL:HR:2019:1972, Hoge Raad, 13-12-2019 Arrest HvJ EU (prejudiciële beantwoording): ECLI:EU:C:2021:91, Hof van Justitie, 03-02-2021 (Conclusie Parket ziet op gevolgen van het HvJ-arrest voor cassatieberoep; geen andere hogere uitspraak vermeld.) PARTIJEN: Naam of typering eiser (bv. consument, verhuurder, aannemer) Stichting Waternet (drinkwaterbedrijf; eiseres tot cassatie) Naam of typering gedaagde [verweerder] (consumerende partij, voormalig bewoner) CASUS: Samenvatting waar de casus over gaat. Betwisting of tussen Waternet en [verweerder] een overeenkomst tot levering van drinkwater tot stand is gekomen en, subsidiair, of Waternet aanspraak heeft op vergoeding op grond van ongerechtvaardigde verrijking nu Waternet kosten in rekening bracht voor levering van drinkwater aan een eerder bewoonde woning. Centrale vraag in het cassatieberoep: uitleg en gevolg van Europese consumentenrichtlijnen (begrip “ongevraagde levering”/oneerlijke handelspraktijken) voor nationale beoordeling van totstandkoming overeenkomst en verrijking. VORDERING (EISER): Beoogd rechtsgevolg (ontbinding, schadevergoeding, herstel, betaling, e.d.) Primair: betaling wegens gesloten leveringsovereenkomst. Subsidiair: vergoeding op grond van ongerechtvaardigde verrijking. Juridische grondslag (relevante wetsartikelen) Nationaal verbintenissenrecht (regels totstandkoming overeenkomst); ongerechtvaardigde verrijking (6:212 e.a. BW). Europese richtlijnen betrokken bij prejudiciële vragen: richtlijn 97/7, richtlijn 2011/83, richtlijn 2005/29 (oneerlijke handelspraktijken) [3: verwijzingsarrest en Arrest; zie ook concrete referenties in rov. van conclusie] [puntverwijzingen in conclusie: bijv. punt 45, 46, 51-62 van Arrest]. Feitelijke stellingen ter onderbouwing - Waternet leverde feitelijk drinkwater en factureerde kosten; [verweerder] nam water af. [rov. samengevat uit bestreden en verwijzingsarrest; zie bestreden rov. 3.10.3 en nadere schriftelijke toelichting Waternet, punt 10] [rov. 3.10.3 in verwijzing] - [verweerder] zou duidelijk hebben gemaakt dat hij geen waterlevering wenste (hof-oordeel) [bestreden arrest rov. 3.9-3.12] [conclusie punt over motiveringsgebreken] - Waternet stelt dat stilzwijgend voortgezet afnemen en ontvangst van welkombrief wijst op instemming; stelt ook subsidiair ongerechtvaardigde verrijking (memorie van grieven, punt 5,55,59). [rov. 3.7; memorie van grieven] Vaststellingen: markeer erkende / bewezen / onweersproken stellingen met “erkend door beide partijen” - Waternet heeft feitelijk water geleverd en gefactureerd. [erkend door beide partijen] [bestreden rov.; memorie stukken] - De nationale regeling betreffende drinkwatervoorziening bevat elementen zoals aansluitingsplicht en het ontbreken van marktwerking. [erkend door beide partijen] [verwijzingsarrest en nadere schriftelijke toelichtingen] VERWEER (GEDAAGDE): Juridische verweren (te late klacht, overmacht, geen tekortkoming, partiële ontbinding, enz.) - Geen betalingsverplichting omdat sprake is van ongevraagde levering; art. 7:7 lid 2 BW (oud en nieuw) / Europese richtlijnen (punt 29 bijlage I, richtlijn 2005/29) uitsluit betalingsplicht bij ongevraagde levering. [memorie van antwoord en pleitnota; bestreden rov. 3.12-3.13] Aangehaalde wetsartikelen of algemene voorwaarden - art. 7:7 lid 2 BW (oud en huidige uitlegging in verband met richtlijnen); verwijzingen naar richtlijn 2005/29 en bijlage I punt 29; ook richtlijn 97/7 en 2011/83 genoemd in prejudiciële vragen. [verdediging vermeld in processtukken en conclusie A-G; memorie van antwoord punt 3.8] Geef de feitelijke betwistingen vanuit het perspectief van de gedaagde. Met welke punten is de gedaagde het niet eens? - Betwist dat door voortgezet afnemen en ontvangst van correspondentie rechtshandeling tot stand is gekomen; stelt expliciet dat hij heeft meegedeeld geen leveringscontract te willen. [pleitnota; bestreden rov. 3.9 e.v.; nadere schriftelijke toelichting verweerder] - Betwist omvang en toepasselijkheid van ongerechtvaardigde verrijking indien art. 7:7 lid 2 BW van toepassing is. [memorie van antwoord; pleitnota] Eventueel gedaan aanbod tot herstel of vergoeding - Geen aanbod tot herstel of vergoeding uit processtukken/conclusie A-G vermeld. OORDEEL RECHTER: Wat is de wijze waarop de rechter de rechtsvraag beoordeelt, inclusief uitleg van relevante wetsartikelen of jurisprudentie. - A-G stelt dat HvJ EU heeft geoordeeld dat (i) totstandkoming van overeenkomsten valt onder nationaal verbintenissenrecht en niet geharmoniseerd is door de genoemde richtlijnen (HvJ punt 46; zie ook art. 3 lid 2 Richtlijn 2005/29) [Arrest punt 45-46]; (ii) begrip “ongevraagde levering” in punt 29 bijlage I richtlijn 2005/29 ziet niet op de in de Arrest-omschrijving genoemde handelspraktijk van een drinkwaterbedrijf die aansluiting in stand houdt onder concrete voorwaarden (geen keuzevrijheid, kostendekkende transparante niet-discriminerende tarieven, consument weet dat levering niet gratis is), onder voorbehoud van verificatie door nationale rechter. [Arrest punt 51-62; conclusie A-G rov. geciteerd] Wat zijn de dragende motieven van het oordeel: waarom oordeelt de rechter zoals hij doet? Wat is de afweging tussen de belangen? - Hof verbindt bereik werkingssfeer richtlijn aan doelstelling van consumentenbescherming; indien nationale regeling primair openbare belangen (volksgezondheid/sociale gelijkheid) beoogt, richtlijn oneerlijke handelspraktijken niet van toepassing. Daarom moet nationale rechter verifiëren of de praktijk van Waternet binnen werkingssfeer richtlijn valt; alleen dan relevant of sprake is van ongevraagde levering. HvJ benadrukt scheiding bevoegdheden: feiten en nationale rechtstoepassing blijven aan verwijzende rechter. [Arrest punt 51-54; 58-62; conclusie A-G toelichting] UITSPRAAK SAMENVATTING: Wat beslist de rechter uiteindelijk? (bijv. vordering toegewezen, vernietiging, bekrachtiging, etc.) - Conclusie A-G: vernietiging van het bestreden arrest van het hof en verwijzing van de zaak naar een ander hof voor verdere beoordeling. (strekt tot vernietiging en verwijzing) [conclusie slotzin] Toe- of afwijzing vorderingen (exact formuleren) - Niet inhoudelijk beslist door A-G; A-G concludeert tot vernietiging en verwijzing zodat geen toewijzing/afwijzing op bestuurs- of civiele inhoud door A-G zelf wordt gegeven. [conclusie en motivering] Proces-, buitengerechtelijke en nakosten. Wie betaalt welke kosten inclusief bedrag? - Niet besproken in de conclusie A-G. Uitvoerbaar-bij-voorraad? - Niet besproken in de conclusie A-G. RECHTER:
Drijber, B.J.: Procureur-Generaal (conclusie na prejudiciële verwijzing)
GENOEMDE WETSARTIKELEN:
3:2 Rv: ['3:2 Rv', 'verwijzing/vraag bevoegdheid HvJ en nationale rechterlijke taak']
7:7 BW: ['7:7 lid 2 BW', 'ongevraagde levering/consumentenbescherming']
6:212 BW: ['6:212 BW', 'ongerechtvaardigde verrijking']
richtlijn 97/7: ['97/7', 'consumentenrecht (afstandstransacties)']
richtlijn 2011/83: ['2011/83', 'consumentenrechten bij verkoop op afstand en in de handel)']
richtlijn 2005/29: ['2005/29', 'oneerlijke handelspraktijken (bijlage I punt 29: ongevraagde levering)']
(Opmerking: sleutelnotatie volgens gevraagde stijl; lidnummers opgenomen in waarden waar relevant.) GENOEMDE RECHTZAKEN:
ECLI:NL:HR:2019:1972: HR 13-12-2019
ECLI:EU:C:2021:91: HvJ EU 03-02-2021
ECLI:NL:PHR:2021:732: Proc. Generaal Hoge Raad (conclusie) 06-08-2021
ECLI:EU:C:2018:710: HvJ EU 13-09-2018 (Wind Tre)
ECLI:EU:C:2019:1049: HvJ EU 05-12-2019 (EVN Bulgaria e.a.)
METADATA: - Created at: None - Last modified: 2026-02-05 14:38:11.892000 ============================================================
48
=== RECHTSZAAK: ECLI:NL:GHDHA:2020:366 === INFORMATIE IN DE UITSPRAAK: - ECLI_number: ECLI:NL:GHDHA:2020:366 - Instantie: Gerechtshof Den Haag - Datum uitspraak: 2020-03-10 - Datum publicatie: 2020-03-02 - Datum aangepast: 2021-12-25 - Zaaknummer: 200.237.201/01 - Rechtsgebieden: Civiel recht - Bijzondere kenmerken: Hoger beroep - URL: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:GHDHA:2020:366 FORMELE RELATIES: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBROT:2018:534, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan; Cassatie: ECLI:NL:HR:2021:1951, Bekrachtiging/bevestiging INHOUDSINDICATIE: Drinkwaterbedrijf maakt zich schuldig aan discriminatie door recreatieparken te behandelen als kleinverbruikers en te factureren op basis van het aantal verbruiksadressen op het recreatieterrein. VINDPLAATSEN: Rechtspraak.nl SAMENVATTING VAN DE UITSPRAAK: ZAAKIDENTIFICATIE: ECLI-nummer: ECLI:NL:GHDHA:2020:366 [arrest van 10 maart 2020] Rechterlijke instantie (Rb / Hof / HR): Gerechtshof Den Haag (Afdeling civiel recht) [slotzin arrest] Datum uitspraak: 10 maart 2020 [slotzin arrest] FORMELE RELATIES LEGALLINK: Eerste aanleg: ECLI:NL:RBROT:2018:534 (rechtbank Rotterdam, vonnis 24 januari 2018) [inleiding; formele_relations] Cassatie: ECLI:NL:HR:2021:1951 (Hoge Raad; bekrachtiging/bevestiging) [formele_relaties] (Eerdere hofarresten genoemd ter vergelijk: ECLI:NL:GHSGR:2008:BC4322; ECLI:NL:GHSGR:2011:BR0527) [rov. bespreking precedent] PARTIJEN: Eiser/appellante: Evides N.V. (drinkwaterbedrijf; rechtsopvolger Evides Drinkwater B.V.) [inleiding; procesverloop] Gedaagden/geïntimeerden: Julianahoeve c.s. (Julianahoeve, Kruininger Gors, Port Greve, Hof Domburg, Center Parcs, Aqua Delta) en Recron (branchevereniging) [inleiding; partijomschrijving] CASUS: Geschil over kwalificatie en facturering van recreatieparken door Evides: Evides bracht vanaf wijzigingstermijnen (o.a. 2013, 2016) kleinverbruikerstarieven en vastrecht per BAG-object in rekening in plaats van één grootverbruikersvastrecht per hoofdaansluiting/vestiging; Julianahoeve c.s. betogen dat dit leidt tot discriminatie en onrechtmatige eenzijdige wijziging van tarieven/voorwaarden en vorderen herstel en vergoeding; rechtbank wees grotendeels af maar oordeelde discriminatie voor 2015–2017; hof herhaalt en breidt verbod uit ook voor 2013–2014 (Port Greve, Aqua Delta) en Tarievenregeling 2018; rest bekrachtigd [feiten, wijziging facturering; klachten; uitspraak hof] [inleiding; rov. samenvatting] VORDERING (EISER): Beoogd rechtsgevolg: oordeel dat Evides niet bevoegd is Julianahoeve c.s. als kleinverbruikers te kwalificeren; vernietiging of buiten toepassing verklaring algemene voorwaarden/subsidiair; verbod en veroordelingen tot creditering en terugbetaling; dwangsommen; proceskostenveroordeling [dagvaarding en vorderingen (i)–(viii)] [3.1 en vorderingenlijst] Juridische grondslag: onder meer artikel 8 lid 3 Drinkwaterwet (voorwaarden redelijk, transparant en niet discriminerend) en artikel 11 lid 1 Drinkwaterwet (tarieven kostendekkend, transparant, niet discriminerend); tevens beroep op vernietigbaarheid AWB via 6:233 BW/6:248 BW genoemd [juridische stellingen; verwijzingen wet] [2.9–2.10; memorie vorderingen] Feitelijke stellingen ter onderbouwing: Julianahoeve c.s. hebben (zowel aanleg- als onderhouds)kosten voor waterleidingnetten achter hoofdaansluitingen gemaakt; KWR-rapporten en kostenspecificaties aangeleverd (o.a. Hof Domburg: aanleg €1.169.312,-; jaarlijks onderhoud €59.000,-; Port Greve: raming €2.104.309,-); Evides hanteert BAG-objecten als verbruiksadressen; enkele recreatieparken betaalden slechts één aansluittarief; Evides weigerde overname van netten [producties, KWR-rapport; kostenopstellingen; tarievenregeling citaten] [productie-2; KWR-rapport; memorie en kostenspecificatie; 2.9–2.10; rov. 4.12] Vaststellingen: erkend door beide partijen: Evides leverde op hoofdaansluiting en factureerde via centrale meter; Evides heeft Tarievenregelingen 2015–2018 en definities van verbruiksadres/vestiging aangepast en BAG als maatgevend gehanteerd; wijziging in facturering is ingevoerd in 2013/2014/2016 (verschillende parken) en Evides Drinkwater B.V. is opgegaan in Evides per 1 juli 2017 [feiten en tijdlijn] [inleiding; 2.9–2.10; memorie van grieven] VERWEER (GEDAAGDE): Juridische verweren: Evides stelt bevoegdheid te hebben tot eenzijdige wijziging van tarieven/structuur binnen kader Drinkwaterwet; betwist dat kritiek van ACM/ILT/Consumentenbond relevant is voor bevoegdheid; betwist deels kostenopgaven en stelt dat sommige netten door Evides zijn aangelegd/onderhouden (nieuw verweer laat in procedure, buiten beschouwing wegens artikel 347 Rv / goede procesorde) [memorie van grieven; memorie van antwoord incidenteel appel; twee-conclusieregel] [memorie van grieven 38 e.v.; memorie van antwoord; verwijzing art. 347 Rv] Aangehaalde wetsartikelen of algemene voorwaarden: verwijzing naar Drinkwaterwet (artikelen 8 en 11) ter rechtvaardiging/contouren; beroep op bevoegdheid binnen regelgeving; verwijzing naar Drinkwaterbesluit art.10 inzake frequentie tariefwijzigingen [juridische referenties] [rov. over bevoegdheid; Drinkwaterbesluit art.10] Feitelijke betwistingen (gedaagde): Evides betwist dat discriminatie plaatsvindt en dat kosten substantieel relevant zijn; stelde dat sommige netten (gedeeltelijk) door haar zijn aangelegd en dat zij praktische bezwaren heeft tegen overname; betwist in eerste aanleg dat ACM/ILT kritiek tot gevolg heeft dat instemming afnemers vereist is [verweren memorie] [memorie van grieven; memorie van antwoord; rov. over bewijslevering] Eventueel gedaan aanbod tot herstel of vergoeding: Evides bood geen concrete reddende herstelmaatregel; zij stelde overname niet onbespreekbaar maar met praktische bezwaren; geen aanbod tot terugbetaling buiten proces genoemd [rov. 4.12; memorie van grieven] [rov. 4.12] OORDEEL RECHTER: Beoordeling bevoegdheid wijziging: Hof volgt eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:GHSGR:2008:BC4322) dat Evides ruime bevoegdheid heeft tarieven en structuur eenzijdig te wijzigen binnen wettelijk kader; wetgever heeft niet voorgeschreven dat wijzigingen instemming afnemers vereisen; tariefwijzigingen verwacht door Drinkwaterbesluit art.10; voorwaarden/tarieven moeten wel voldoen aan eisen van niet-discriminatie en redelijkheid [juridische beoordeling; 2.9; verwijzing precedent; Drinkwaterwet art.8 lid 3 en art.11 lid1; Drinkwaterbesluit art.10] [rov. over bevoegdheid; precedent; 8 lid 3 Drinkwaterwet; 11 lid 1 Drinkwaterwet; art.10 Drinkwaterbesluit] Beoordeling discriminatie: Hof neemt aan dat Julianahoeve c.s. aanzienlijke aanleg- en onderhoudskosten voor hun netten hebben gemaakt (onderbouwd door kostenspecificaties en KWR-ramingen; Evides niet effectief weersproken) en dat Evides niet bereid was netten over te nemen; hof oordeelt dat behandeling als kleinverbruiker per BAG-object sprake geeft van ongelijke behandeling ten opzichte van (andere) kleinverbruikers zonder dergelijke kosten en ten opzichte van grootverbruikers (zelfde of hoger verbruik, maar andere tariefbehandeling) en derhalve discriminatoir in strijd met artikel 8 lid 3 Drinkwaterwet; hof vergelijkt casus met eerdere wooncomplex-arresten maar benadrukt wezenlijk verschil in omvang en kosten van netten [randmotieven, belangenafweging; neutraliteit naar positie afnemers] [rov. kostenbeoordeling; KWR; vergelijking precedent; 8 lid 3 Drinkwaterwet; rov. 4.12–4.17] Weegfactoren en motivering: Hof weigert late bewijs- en verweervoering van Evides (two-conclusions rule art.347 Rv) en legt gewicht op concrete kostopgaven en het ontbreken van contestatie; hof oordeelt dat financiële gevolgen materieel zijn gelet op aantallen recreatiewoningen en vaste/variabele tarieven; hof beperkt veroordeling tot ongedaanmaking van de wijziging in tarieven/definities, niet tot algemene gelijkschakeling met alle grootverbruikers in alle opzichten [procesorde en proportionaliteitsmotieven] [memorie van grieven; art.347 Rv; rov. over materiële gevolgen] UITSPRAAK SAMENVATTING: Beslissing: Hof vernietigt vonnis rechtbank Rotterdam voor zover onder 5.1–5.4 en, opnieuw rechtdoende: - (i) Verbiedt Evides Julianahoeve c.s. in kader Tarievenregelingen 2015–2018 (en Port Greve en Aqua Delta ook voor 2013–2014) als kleinverbruikers aan te merken en op die grondslag vastrecht en verbruik te factureren [hofbeslissing onderdelen (i)] [beslissing arrest] - (ii) Veroordeelt Evides alle betreffende facturen over genoemde periodes te crediteren en nieuwe facturen als grootverbruikers op te stellen [hofbeslissing (ii)] [beslissing arrest] - (iii) Veroordeelt Evides binnen 30 dagen de ten onrechte in rekening gebrachte bedragen vast te stellen en overzicht te verstrekken [hofbeslissing (iii)] [beslissing arrest] - (iv) Veroordeelt Evides binnen 30 dagen na akkoordbevinding de vastgestelde bedragen met wettelijke rente terug te betalen [hofbeslissing (iv); rente verwijzing naar 6:119 BW] [beslissing arrest; 6:119 BW] Voor het overige bekrachtigt het hof het vonnis van de rechtbank Rotterdam [bekrachtiging rest] [beslissing arrest] Proces- en nakosten: Evides veroordeeld in proceskosten principaal appel aan zijde Recron c.s.: griffierecht €726,-; salaris advocaat €1.074,-; nasalaris €157,-; mogelijk verhoging €82,- bij niet-betaling binnen termijnen; veroordeling uitvoerbaar bij voorraad voor veroordelingen en verbod; incidenteel appel proceskosten gecompenseerd (ieder draagt eigen kosten) [kostentoewijzing en uitvoerbaarheid] [beslissing arrest; uitvoerbaar bij voorraad] RECHTER:
Glazener, P.: Raadsheer
Aarts, D.: Raadsheer
Grootveld, H.C.: Raadsheer
GENOEMDE WETSARTIKELEN:
8 Drinkwaterwet: ['8 lid 3 Drinkwaterwet', 'voorwaarden redelijk, transparant en niet discriminerend']
11 Drinkwaterwet: ['11 lid 1 Drinkwaterwet', 'tarieven kostendekkend, transparant en niet discriminerend']
10 Drinkwaterbesluit: ['10 Drinkwaterbesluit', 'tarieven worden regelmatig gewijzigd/verwacht frequentie tariefwijzigingen']
6:233 BW: ['6:233 BW', 'vernietigbaarheid algemene voorwaarden (genoemd door Recron c.s.)']
6:248 BW: ['6:248 BW', 'contractuele vorderingen/algemene rechtsverhoudingen (genoemd)']
347 Rv: ['347 lid 1 Rv', 'twee-conclusieregel/procedurele beperking']
6:119 BW: ['6:119 BW', 'wettelijke rente bij veroordelingen en bij niet-betaling']
GENOEMDE RECHTZAKEN:
ECLI:NL:RBROT:2018:534: Rb. Rotterdam 24 januari 2018
ECLI:NL:GHSGR:2008:BC4322: Gerechtshof s-Gravenhage 12 februari 2008
ECLI:NL:GHSGR:2011:BR0527: Gerechtshof s-Gravenhage 5 juli 2011
ECLI:NL:HR:2021:1951: Hoge Raad 2021
METADATA: - Created at: None - Last modified: 2026-06-21 13:47:50.266648 ============================================================
49
=== RECHTSZAAK: ECLI:NL:HR:2019:1972 === INFORMATIE IN DE UITSPRAAK: - ECLI_number: ECLI:NL:HR:2019:1972 - Instantie: Hoge Raad - Datum uitspraak: 2019-12-13 - Datum publicatie: 2019-12-13 - Datum aangepast: 2025-03-22 - Zaaknummer: 18/02999 - Rechtsgebieden: Civiel recht - Bijzondere kenmerken: Cassatie - URL: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:HR:2019:1972 FORMELE RELATIES: Na prejudiciële beslissing van : ECLI:EU:C:2021:91 INHOUDSINDICATIE: Contractenrecht; consumentenrecht. Vervolg van HR 8 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1730. Is tussen consument en drinkwaterbedrijf een overeenkomst tot stand gekomen of is sprake van ongevraagde levering van drinkwater? Art. 7:7 lid 2 BW (oud en nieuw). Uitleg van Richtlijn 97/7/EG (koop op afstand), Richtlijn 2005/29/EG (oneerlijke handelspraktijken) en Richtlijn 2011/83/EU (consumentenrechten). Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan HvJEU. VINDPLAATSEN: Rechtspraak.nl; NJ 2020/20; RvdW 2020/36; RCR 2020/11; SEW 2020, afl. 3, p. 141 SAMENVATTING VAN DE UITSPRAAK: ZAAKIDENTIFICATIE: ECLI-nummer ECLI:NL:HR:2019:1972 Rechterlijke instantie (Rb / Hof / HR) HR (Hoge Raad) Datum uitspraak 13 december 2019 FORMELE RELATIES LEGALLINK: Na prejudiciële beslissing van: ECLI:EU:C:2021:91 (HvJ‑EU) [rov. 1-2; voetnoten; verwijzing in zaakgegevens] PARTIJEN: Naam of typering eiser (bv. consument, verhuurder, aannemer) Stichting Waternet (drinkwaterbedrijf / openbare leverancier) [titel en procespartij] Naam of typering gedaagde [verweerder] (consument / bewoner woning Amsterdam) [procespartij] CASUS: Dispuut over betaling vordering Waternet van €283,79 voor levering drinkwater in periode 1 jan 2014–18 nov 2016; kernvraag of tussen Waternet en [verweerder] een overeenkomst tot levering is ontstaan of dat sprake is van ongevraagde levering van drinkwater als bedoeld in art. 7:7 lid 2 BW (oud en nieuw) en relevante Unierechtelijke uitleg; Hoge Raad stelde prejudiciële vragen aan HvJ‑EU. [rov. inleidend; 3.1-3.6; 3.10; verzoek aan HvJEU] VORDERING (EISER): Beoogd rechtsgevolg (ontbinding, schadevergoeding, herstel, betaling, e.d.) Betaling €283,79, vermeerderd met wettelijke rente en kosten. [procesverzoek] Juridische grondslag (relevante wetsartikelen) Primair: overeenkomst tot levering drinkwater; subsidiair in hoger beroep: ongerechtvaardigde verrijking; toets op art. 7:7 lid 2 BW (oud en nieuw) en Unierecht (Richtlijn 97/7/EG, 2005/29/EG, 2011/83/EU) [rov. 3.3-3.6] Feitelijke stellingen ter onderbouwing - Waternet leverde drinkwater door leidingen in woning vanaf inbezitneming [verweerder] (sinds sept 2012). [rov. i-iv; 3.9] - Facturen vanaf 1 jan 2014 aan [verweerder]; geen betaling 1 jan 2014–18 nov 2016. [rov. iv-v] - Waternet stelde dat met [verweerder] sinds 2014 een overeenkomst bestond. [processtandpunt eiser] Vaststellingen: markeer erkende / bewezen / onweersproken stellingen met “erkend door beide partijen” - [verweerder] heeft drinkwater verbruikt; niet voldoende gemotiveerd door hem bestreden in cassatie (onbestreden door partijen). [erkend door beide partijen; rov. 3.9] - Facturen waren verzonden en niet betaald door [verweerder] voor relevante periode. [erkend door beide partijen; rov. i-vi] VERWEER (GEDAAGDE): Juridische verweren (te late klacht, overmacht, geen tekortkoming, partiële ontbinding, enz.) Geen overeenkomst gesloten; levering was ongevraagd zodanig dat geen betalingsverplichting is ontstaan op grond van art. 7:7 lid 2 BW (oud of nieuw). [rov. feiten en verweer] Aangehaalde wetsartikelen of algemene voorwaarden Art. 7:7 lid 2 BW (oud en nieuw); toepassing en uitleg in samenhang met Richtlijn 97/7/EG, Richtlijn 2005/29/EG en Richtlijn 2011/83/EU. [rov. 3.3-3.6] Geef de feitelijke betwistingen vanuit het perspectief van de gedaagde. Met welke punten is de gedaagde het niet eens? - Betwist dat zijn gebruik van water en uitblijven van betaling duiden op aanvaarding van aanbod; hij heeft kenbaar gemaakt geen overeenkomst te willen. [rov. 3.9] - Betwist dat op grond van feiten en praktijk enige overeenkomst tot stand is gekomen. [rov. 3.9-3.10] Eventueel gedaan aanbod tot herstel of vergoeding Geen aanbod tot herstel of vergoeding in cassatiefase vermeld. [zaakstukken; geen aanbod gerapporteerd] OORDEEL RECHTER: Wat is de wijze waarop de rechter de rechtsvraag beoordeelt, inclusief uitleg van relevante wetsartikelen of jurisprudentie. - Hof: primair oordeel dat geen overeenkomst tot stand is gekomen; leveringen sinds 13 juni 2014 ongevraagde levering als bedoeld in art. 7:7 lid 2 BW (nieuw); vóór 13 juni 2014 ongevraagd als bedoeld in art. 7:7 lid 2 (oud). Hof bekrachtigd. [rov. 3.9-3.12] - Hoge Raad: schetst toepasselijk Unierecht (Richtlijn koop op afstand 97/7/EG; Richtlijn oneerlijke handelspraktijken 2005/29/EG; Richtlijn consumentenrechten 2011/83/EU) en Nederlandse drinkwaterregeling; oordeelt dat richtlijnconforme uitleg vereist is en dat in redelijke twijfel bestaat of toepassing Unierecht op de in Nederland unieke publiekrechtelijke en praktijksituatie tot andere uitkomst leidt; onvoldoende eenduidigheid, daarom prejudiciële vragen aan HvJ‑EU gesteld. [rov. 3.3-3.10; 5] Wat zijn de dragende motieven van het oordeel: waarom oordeelt de rechter zoals hij doet? Wat is de afweging tussen de belangen? - Belangrijkste motieven: voorschriften Unierecht verbieden ongevraagde levering; Nederlandse wettelijke en praktische regeling (exclusieve leveringsbevoegdheid, verplichting aansluiting/aanbod, afsluitbeperkingen, gereguleerde tarieven, gebruikspraktijk bij verhuizing) kunnen ertoe leiden dat levering door leidingen na actieve handeling niet kwalificeert als “ongevraagde levering” zonder Unierechtelijke toetsing; redelijke twijfel bestaat over uitlegbereik van Unierecht in deze omstandigheden; daarom prejudiciële verwijzing nodig. [rov. 3.3-3.9; 3.7-3.8; 3.10] UITSPRAAK SAMENVATTING: Wat beslist de rechter uiteindelijk? (bijv. vordering toegewezen, vernietiging, bekrachtiging, etc.) - Hoge Raad houdt verdere beslissing aan en schorst het geding; stelt prejudiciële vragen aan HvJ‑EU (zie 5). [slotbepaling] Toe- of afwijzing vorderingen (exact formuleren) - Beslissing tot verdere behandeling in cassatie is aangehouden; geen definitieve toewijzing of afwijzing van de vordering door Hoge Raad gegeven; hof had vordering in eerste aanleg en hoger beroep voor zover relevant afgewezen/bekrachtigd zoals gerapporteerd. [rov. slot; 3.9-3.12] Proces-, buitengerechtelijke en nakosten. Wie betaalt welke kosten inclusief bedrag? - In arrest geen concrete proceskostenveroordeling door Hoge Raad; eerdere instanties’ kosten niet nader benoemd in cassatiearrest. [niet vermeld] Uitvoerbaar-bij-voorraad? - Niet van toepassing; zaak aangehouden in afwachting van HvJ‑EU-uitspraak. [slot] RECHTER:
Streefkerk, C.A.: vice‑president en voorzitter
Polak, M.V.: raadsheer
Tanja-van den Broek, T.H.: raadsheer
Sieburgh, C.H.: raadsheer
Lock, F.J.P.: raadsheer
Kroeze, M.J.: uitgesproken openbare uitspraak
GENOEMDE WETSARTIKELEN:
7:7 BW: ['7:7 lid 2 BW (oud en nieuw)', 'ongevraagde levering / niet-bestelde zaak en gevolg voor betalingsverplichting']
Drinkwaterwet: ['art. 1, 3, 4, 5, 8, 9, 10-13 Drinkwaterwet', 'regeling openbare drinkwatervoorziening, exclusieve leveringsbevoegdheid, aansluitings- en leveringsaanbod, afsluitbeleid en tariefregels']
Richtlijn 97/7/EG: ['artikel 9 Richtlijn 97/7/EG', 'koop op afstand; bescherming tegen ongevraagde levering']
Richtlijn 2005/29/EG: ['art. 5 lid 5 en bijlage I punt 29 Richtlijn 2005/29/EG', 'oneerlijke handelspraktijken; lijst oneerlijke praktijken waaronder ongevraagde levering']
Richtlijn 2011/83/EU: ['art. 27 Richtlijn 2011/83/EU', 'consumentenrechten; vrijstelling betalingsverplichting bij ongevraagde levering van o.m. water']
Implementatiewet richtlijn consumentenrechten: ['art. X Implementatiewet richtlijn consumentenrechten', 'implementatie Richtlijn consumentenrechten in nationale wetgeving']
GENOEMDE RECHTZAKEN:
ECLI:NL:HR:2019:1730: HR 8 november 2019
ECLI:EU:C:2018:710: HvJEU 13 september 2018 (Wind Tre en Vodafone Italia)
ECLI:EU:C:2016:633: HvJEU 7 september 2016 (Deroo-Blanquart)
ECLI:EU:C:2019:1049: HvJEU 5 december 2019 (EVN Bulgaria/Toplofikatsia)
ECLI:EU:C:2021:91: HvJEU prejudiciële beslissing (na verwijzing)
METADATA: - Created at: None - Last modified: 2026-01-23 23:17:30.440000 ============================================================